Wat betekenen de vorm en kleur van verkeersborden?
Aan vorm en kleur zie je meteen de soort bord, nog voor je het symbool leest. Rond met een rode rand is een verbod, rond en blauw is een gebod, een driehoek met de punt omhoog waarschuwt voor gevaar, een omgekeerde driehoek betekent voorrang verlenen, een achthoek is stop en een gele ruit is een voorrangsweg. Rechthoekige en vierkante blauwe borden geven informatie of regelen het parkeren.
Rond met een rode rand: verbod
Dit is de grootste groep. De maximumsnelheid (A1), de geslotenverklaringen voor bepaalde voertuigen (C-borden), het inhaalverbod en het keerverbod hebben allemaal een rode rand om een wit vlak. Het symbool of getal in het midden zegt wat verboden is. Zie je een ronde witte schijf met een rode rand en niets erin (C1), dan is de weg in beide richtingen gesloten voor alle voertuigen.
Het parkeerverbod (E1) en het stilstaanverbod (E2) vallen op: die hebben een rode rand om een blauwe schijf, met één of twee rode strepen. En het inrijverbod (C2) is een rode schijf met een witte balk.
Rond en blauw: gebod
Een blauw rond bord met een wit symbool zegt dat je iets moet doen. De D-borden geven de verplichte rijrichting of het passeren aan een bepaalde zijde. Bij een rotonde (D1) rijd je in de richting van de pijlen. Ook de padborden zijn blauwe schijven: het voetpad (G7), het ruiterpad (G9) en het fietspad (G11) zeggen voor wie het pad is.
Driehoek: gevaar en voorrang
Een driehoek met de punt omhoog en een rode rand waarschuwt voor een gevaar (J-borden). Het symbool vertelt welk gevaar: een bocht, slipgevaar, kinderen of een overweg. De driehoek met de punt omlaag (B6) is het bord voorrang verlenen: je laat het verkeer op de kruisende weg voorgaan. Stoppen hoeft alleen als het nodig is. Let op het onderscheid, want ze zien er in de verte bijna hetzelfde uit.
Het voorrangskruispunt (B3) is een driehoek met de punt omhoog met een kruising erop, dus een waarschuwing dat je op het komende kruispunt voorrang hebt.
Achthoek, ruit en rechthoek
De rode achthoek is stop (B7): altijd stoppen, ook als er niemand aankomt. De gele ruit (B1) betekent voorrangsweg; met drie zwarte streepjes (B2) eindigt die. Een vierkant of rechthoekig blauw bord informeert: een eenrichtingsweg (C3), een zebrapad (L2), de adviessnelheid (A4) en de autosnelweg (G1). Een blauwe rechthoek met een P is een parkeerplaats (E4).
Grijs en doorgestreept: het einde
Een bord dat een verbod beëindigt, is wit met een dunne grijze rand en drie schuine zwarte strepen over het symbool. Zo herken je einde maximumsnelheid (A2), einde inhaalverbod (F2) en einde parkeerschijfzone (E11). Bij de blauwe regelborden (G) staat in plaats daarvan een rode schuine streep over het symbool, bijvoorbeeld bij het einde van het verplichte fietspad (G12) of het einde van de autosnelweg (G2).
Blauw rond is niet altijd een verplichting om te rijden: de blauwe padborden (G7, G9, G11) verplichten alleen de gebruikers van dat pad. En een blauw vierkant bord met een getal (A4) is een adviessnelheid, geen maximum. Kijk dus naar vorm, kleur en symbool samen.
Probeer het zelf
Wat betekent dit bord?
Waar staat dit in de wet?
- RVV 1990 bijlage 1
- De lijst met alle verkeersborden met hun code en omschrijving. De groepen A tot en met L staan op onze pagina's per soort.
- RVV art. 66 en 67
- Zones en onderborden: een onderbord kan een verbod uitbreiden of beperken, en het woord zone maakt van sommige borden een zone.
Veelgestelde vragen
Weet je ze nog?
Oefen alle borden in de gratis bordentrainer, zonder account. Bord zien, betekenis kiezen, direct uitleg.
Meer over verkeersborden
- Verkeersborden voor scooter en brommerWelke borden gelden voor bromfiets en snorfiets, en welke niet
- Verkeersborden voor fietsers en bromfietsersFietspad, fiets/bromfietspad en de verboden voor fiets en bromfiets
- Verkeersborden op de snelwegAutosnelweg, autoweg, snelheden, inhaalverboden en de borden langs de route