Voorrang bij linksaf slaan: tegenliggers gaan voor
Sla je linksaf, dan laat je tegemoetkomend verkeer dat rechtdoor gaat of rechtsaf slaat voorgaan. Richting aangeven geeft je geen voorrang.
Je wilt linksaf. Een tegenligger gaat rechtdoor. Wie gaat eerst?
De regels op een rij
- Afslaand verkeer laat verkeer op dezelfde weg dat rechtdoor gaat voor. Dat zijn tegenliggers, maar ook fietsers naast je.
- Sorteer op tijd voor: bij linksaf zo dicht mogelijk bij het midden van de weg.
- Wacht met je voorwiel recht, zodat je bij een aanrijding van achteren niet de tegenligger in wordt geduwd.
- Let op motorrijders die achter een auto verborgen zitten; tegenliggers zijn vaak sneller dan je denkt.
De klassieker: 'ik gaf al richting aan, dus ik mag'. Nee: richting aangeven laat zien wat je wilt, het geeft geen voorrang.
Afslaan is een eigen voorrangsregel
Artikel 18 van het RVV 1990 regelt wie voor moet laten bij het afslaan. Wie afslaat, laat het verkeer op dezelfde weg voorgaan: tegenliggers, maar ook weggebruikers die naast je of links of rechts dicht achter je rijden, zoals fietsers en bromfietsers. Wie linksaf slaat, moet bovendien tegemoetkomers voorlaten die op hetzelfde kruispunt rechts afslaan.
Die regel werkt naast rechts gaat voor. Eerst kijk je of er een teken is of iemand van rechts komt, en daarna of je tegenliggers hebt. Zo bouw je de volgorde op.
Voorsorteren en richting aangeven
Artikel 17 beschrijft hoe je voorsorteert: wie links afslaat tijdig zo veel mogelijk tegen de wegas, wie rechts afslaat tijdig zo veel mogelijk rechts. Het artikel zegt dat je zo mag voorsorteren; doe het, want zo zie je en word je gezien. Op een tweebaansweg rijd je naar links tot vlak bij de streep of het midden. Daarna geef je tijdig een teken met de richtingaanwijzer of, op een bromfiets, met je arm.
Het teken is een mededeling. Het geeft geen voorrang. Een tegenligger die je richting ziet, moet nog steeds kunnen doorrijden, en jij wacht tot de weg vrij is.
Wachten in het kruispunt
Moet je linksaf en is de weg niet vrij, dan rij je door tot je op het kruispunt een plek vindt waar je kunt wachten zonder het verkeer te blokkeren. Houd je voorwiel recht: als iemand van achteren tegen je aan rijdt, word je dan niet het tegemoetkomende verkeer in geduwd. Op een motor en op een scooter is dat een belangrijke gewoonte, want je bent kwetsbaar.
Onderschat de snelheid van tegenliggers niet en kijk twee keer voordat je optrekt.
Linksaf vanaf de zijweg
Rijd je op een zijweg met haaientanden en wil je linksaf, dan verleen je voorrang aan het verkeer op de hoofdweg uit beide richtingen. Je steekt eerst de ene rijrichting over, wacht zo nodig tot de andere vrij is en voegt dan in. Pas daarna ben je klaar met afslaan. Op een gelijkwaardig kruispunt kijk je eerst naar rechts en dan naar tegenliggers die rechtdoor gaan.
Linksaf bij groen licht
Staat er een verkeerslicht, dan regelt dat wie het kruispunt op mag, maar het verandert niets aan de plicht van wie afslaat. Ook bij groen licht laat je als linksafslaander tegenliggers voorgaan die rechtdoor gaan (artikel 18). Rij daarom door tot op het kruispunt, wacht met je voorwiel recht en maak je bocht pas als de weg vrij is of het licht op rood is gesprongen. Blijf daarbij het kruispunt niet blokkeren, want je mag het ook niet versperren voor verkeer dat groen krijgt (artikel 14).
Waar staat dit in de wet?
- RVV 1990 art. 18
- Wie afslaat laat tegemoetkomend verkeer op dezelfde weg voorgaan, en verkeer dat naast of dicht achter hem rijdt; wie links afslaat laat ook tegemoetkomers voor die rechts afslaan.
- RVV 1990 art. 17
- Hoe je voorsorteert, en dat je voor het afslaan een teken geeft met richtingaanwijzer of arm.
Veelgestelde vragen
Oefen voorrang tot het vanzelf gaat
Dagelijkse 3D-sessies met directe uitleg. Gratis beginnen, zonder account.
Lees ook
- VoorrangswegRij je op een voorrangsweg (bord B1, de gele ruit met witte rand), dan heb je op kruispunten voorrang op al het kruisende verkeer, ook als dat van rechts komt.
- Gelijkwaardig kruispuntOp een gelijkwaardig kruispunt (geen borden, geen haaientanden, geen verkeerslichten) gaat verkeer van rechts voor.
- T-splitsingOp een T-splitsing zonder borden of haaientanden gaat verkeer van rechts voor.
Andere voorrangssituaties
- Kruispunt: wie gaat voor?Op een kruispunt bepaalt eerst een agent of verkeersregelaar wie gaat, dan het verkeerslicht, dan het bord of de haaientanden.
- TramOp een gelijkwaardig kruispunt heeft de tram voorrang op al het andere verkeer, ook als hij van links komt.
- RotondeOp bijna alle rotondes in Nederland heeft het verkeer dat al op de rotonde rijdt voorrang.
- In- en uitrit en erfKom je uit een uitrit (bijvoorbeeld een oprit, parkeerplaats of tankstation), dan verleen je voorrang aan al het verkeer op de weg: van links, van rechts en ook voetgangers op de stoep..
- VoorrangsvoertuigenEen voertuig met blauw zwaailicht en tweetonige sirene (ambulance, brandweer, politie) is een voorrangsvoertuig en moet je voor laten gaan, boven alle andere regels.
- Y-splitsingEen Y-splitsing is voor het RVV gewoon een kruispunt.
- Onverharde wegBestuurders op een onverharde weg verlenen voorrang aan bestuurders op een verharde weg, ook als die van links komen.
- Militaire colonne en uitvaartstoetEen militaire colonne of een uitvaartstoet van motorvoertuigen mag je niet doorsnijden, ook niet als je zelf voorrang hebt.
- Voetgangers en zebrapadBij een zebrapad laat je voetgangers die oversteken of duidelijk willen oversteken voorgaan.