Voorrangsweg: wanneer heb jij voorrang?
Rij je op een voorrangsweg (bord B1, de gele ruit met witte rand), dan heb je op kruispunten voorrang op al het kruisende verkeer, ook als dat van rechts komt. Dat verkeer heeft haaientanden.
Je rijdt op een voorrangsweg. Van rechts komt een auto. Wie gaat er als eerste?
De regels op een rij
- Je voorrang geldt tot het bord 'einde voorrangsweg' (B2).
- Kruisend verkeer heeft haaientanden en vaak bord B6 of een stopbord.
- Sla je af, dan laat je tegenliggers die rechtdoor gaan nog steeds voor.
- Voorrang hebben is niet hetzelfde als voorrang krijgen. Kijk of de ander je echt ziet, zeker als motorrijder.
Op het examen krijg je situaties waarin een auto van rechts 'naar voren schuift'. Je hebt voorrang, maar je remt als het moet.
Hoe herken je een voorrangsweg?
Een voorrangsweg wordt aangegeven door bord B1: een gele ruit met witte rand. Verkeer dat de voorrangsweg kruist of op de weg uitkomt, ziet haaientanden op het wegdek en vaak bord B6 of een stopbord B7. Bord B2 (dezelfde ruit met zwarte schuine strepen) markeert het einde van de voorrangsweg.
De driehoekige borden B3, B4 en B5 tonen een voorrangskruispunt, met of zonder zijweg links of rechts. Ook als de voorrangsweg een bocht maakt, blijft het verkeer op die weg voorrang houden; je moet dat dan wel aan de borden en haaientanden kunnen zien.
Voorrang hebben, voorrang nemen
Op een voorrangsweg rijd je door en verleen je geen voorrang aan verkeer van rechts. Dat geldt tot het bord B2. Daarna kan het volgende kruispunt weer gelijkwaardig zijn en geldt rechts gaat voor, tenzij nieuwe borden anders zeggen.
Maar voorrang is een recht, geen plicht om te rijden. Ziet een auto van rechts jou niet, dan moet je kunnen remmen. Zeker op een motor of scooter zit je laag en klein in het zicht van andere bestuurders. Kijk naar het voorwiel van de wachtende auto: rolt hij toch door, dan rem je en laat hem passeren.
Afslaan op een voorrangsweg
De voorrang geldt voor het rechtdoorgaande verkeer op de voorrangsweg, niet voor wie afslaat. Wie links afslaat, laat tegemoetkomend verkeer voorgaan dat rechtdoor gaat of rechts afslaat (artikel 18). Dat geldt ook voor de bestuurder met voorrang. Je hebt voorrang op het kruisende verkeer, maar niet op de tegenligger. Sorteer dus tijdig voor en wacht in de goede positie.
Wat gaat er boven een voorrangsweg?
Een voorrangsbord is een verkeersteken en gaat boven rechts gaat voor (artikel 63). Maar twee dingen gaan boven het voorrangsbord: een verkeerslicht (artikel 64) en de aanwijzing van een agent of verkeersregelaar (artikel 84). Staat er een stoplicht op de voorrangsweg, dan volg je het licht. Rijd je op de voorrangsweg en komt een voertuig met blauw zwaailicht en sirene, dan laat je ook dat voorgaan (artikel 50).
Voorrang en snelheid
Een voorrangsweg verandert niets aan de maximumsnelheid. Je rijdt gewoon de snelheid die voor die weg geldt, en niet harder omdat je voorrang hebt. Wie met te hoge snelheid een kruispunt nadert, kan een auto van rechts niet meer ontwijken als die toch voorrang neemt. Bij kruispunten zonder goed zicht, bijvoorbeeld door struiken of geparkeerde auto's, neem je daarom je gas terug, ook als je voorrang hebt. Voorrang geeft je het recht om door te rijden, niet om de ander te negeren.
Je rijdt op een voorrangsweg. De auto rechts schuift langzaam naar voren. Wat doe je?
Waar staat dit in de wet?
- RVV 1990 bijlage 1, bord B1 en B2
- B1 geeft de voorrangsweg aan; B2 het einde ervan.
- RVV 1990 art. 63 en 64
- Verkeerstekens gaan boven de regels en verkeerslichten boven voorrangsborden.
- RVV 1990 art. 80
- Haaientanden: voorrang verlenen aan bestuurders op de kruisende weg.
- RVV 1990 art. 18
- Wie afslaat laat tegemoetkomend verkeer op dezelfde weg voorgaan; wie links afslaat ook tegemoetkomers die rechts afslaan.
Veelgestelde vragen
Oefen voorrang tot het vanzelf gaat
Dagelijkse 3D-sessies met directe uitleg. Gratis beginnen, zonder account.
Lees ook
- Kruispunt: wie gaat voor?Op een kruispunt bepaalt eerst een agent of verkeersregelaar wie gaat, dan het verkeerslicht, dan het bord of de haaientanden.
- T-splitsingOp een T-splitsing zonder borden of haaientanden gaat verkeer van rechts voor.
- Linksaf slaanSla je linksaf, dan laat je tegemoetkomend verkeer dat rechtdoor gaat of rechtsaf slaat voorgaan.
Andere voorrangssituaties
- Gelijkwaardig kruispuntOp een gelijkwaardig kruispunt (geen borden, geen haaientanden, geen verkeerslichten) gaat verkeer van rechts voor.
- TramOp een gelijkwaardig kruispunt heeft de tram voorrang op al het andere verkeer, ook als hij van links komt.
- RotondeOp bijna alle rotondes in Nederland heeft het verkeer dat al op de rotonde rijdt voorrang.
- In- en uitrit en erfKom je uit een uitrit (bijvoorbeeld een oprit, parkeerplaats of tankstation), dan verleen je voorrang aan al het verkeer op de weg: van links, van rechts en ook voetgangers op de stoep..
- VoorrangsvoertuigenEen voertuig met blauw zwaailicht en tweetonige sirene (ambulance, brandweer, politie) is een voorrangsvoertuig en moet je voor laten gaan, boven alle andere regels.
- Y-splitsingEen Y-splitsing is voor het RVV gewoon een kruispunt.
- Onverharde wegBestuurders op een onverharde weg verlenen voorrang aan bestuurders op een verharde weg, ook als die van links komen.
- Militaire colonne en uitvaartstoetEen militaire colonne of een uitvaartstoet van motorvoertuigen mag je niet doorsnijden, ook niet als je zelf voorrang hebt.
- Voetgangers en zebrapadBij een zebrapad laat je voetgangers die oversteken of duidelijk willen oversteken voorgaan.